Angst en leugen gaan vaak hand in hand

In de kerkdiensten van de Marekerk zoeken we de verbinding van het geloof met het dagelijks leven. Regelmatig komen levensvragen aan de orde. Luister mee naar dit fragment en laat je inspireren! Je kunt ook de hele kerkdienst luisteren, dan hoor je nog meer over dit thema en ook bijpassende liederen en gebeden.
Datum06-06-2021
Sprekerds. T. Jacobs
BijbelGenesis 38:0

Zondag 6 juni ging het in de Marekerk over Genesis 38: 11 Toen zei Juda tegen Tamar, zijn schoondochter: Ga maar zolang als weduwe in het huis van je vader wonen, totdat mijn zoon Sela groot is. Hij zei namelijk: Anders zal hij ook sterven, net zoals zijn broers! Zo ging Tamar weg en ging in het huis van haar vader wonen. 12 Toen veel dagen verlopen waren, stierf de dochter van Sua, de vrouw van Juda. Daarna vond Juda troost en ging hij naar zijn schaapscheerders, naar Timna, hij en zijn vriend Hira uit Adullam. 13 En men vertelde Tamar: Zie, uw schoonvader gaat naar Timna om zijn schapen te scheren. 14 Toen trok zij haar weduwkleed uit, bedekte zich met een sluier, omhulde zich en ging zitten bij de ingang van Enaïm, dat op de weg naar Timna ligt. Zij had namelijk gezien dat Sela groot geworden was en zij aan hem niet tot vrouw was gegeven. 15 Toen Juda haar zag, hield hij haar voor een hoer, omdat zij haar gezicht bedekt had. 16 En hij ging naar haar toe langs de weg en zei: Kom toch mee, ik wil bij u komen; hij wist immers niet dat het zijn schoondochter was. En zij zei: Wat zult u mij geven, als u bij mij komt? 17 Hij zei: Ik zal u een geitenbokje van mijn kudde sturen. Zij zei: Goed, als u een onderpand geeft, totdat u het bokje gestuurd hebt. 18 Toen zei hij: Wat is het onderpand dat ik u zal geven? Zij zei: Uw zegelring, uw snoer en uw staf, die u in uw hand hebt. Hij gaf ze haar, kwam bij haar, en zij werd zwanger van hem. 19 Daarna stond zij op, ging weg, legde haar sluier van zich af en trok haar weduwkleed weer aan. 20 Juda stuurde het geitenbokje door bemiddeling van zijn vriend uit Adullam, om het onderpand uit de hand van de vrouw terug te krijgen; hij vond haar echter niet. 21Toen vroeg hij aan de mensen van haar woonplaats: Waar is de hoer die bij Enaïm langs de weg zat? Maar zij zeiden: Er is hier geen hoer geweest. 22 Hij keerde daarop terug naar Juda en zei: Ik heb haar niet gevonden, en ook de mensen van die plaats zeiden: Er is hier geen hoer geweest. 23 Toen zei Juda: Laat ze het onderpand zelf maar houden, anders zullen wij veracht worden. Zie, ik heb dit bokje willen sturen, maar u hebt haar niet gevonden. 24 Het gebeurde ongeveer drie maanden later dat men Juda vertelde: Tamar, uw schoondochter, heeft hoererij bedreven en zie, ze is ook zwanger door die hoererij. Toen zei Juda: Breng haar de stad uit en laat haar verbrand worden! 25 Terwijl zij de stad uit gebracht werd, stuurde ze een bode naar haar schoonvader om te zeggen: Van de man van wie deze voorwerpen zijn, ben ik zwanger. Ze zei: Kijk toch eens van wie deze zegelring, deze snoeren en deze staf zijn. 26 En Juda herkende ze en zei: Zij staat in haar recht, meer dan ik, omdat ik haar niet aan mijn zoon Sela gegeven heb. En hij had voortaan geen gemeenschap meer met haar. 27 En het gebeurde tegen de tijd dat zij baren zou, en zie er bleek een tweeling in haar schoot te zijn.

De spreker, dominee Jacobs, legt uit dat angst verlamt en daarom een bepaalde oneerlijkheid tot gevolg kan hebben. Iedereen kent angst, maar je moet weten wat je ermee aan moet, in plaats van er omheen draaien. Vaak hebben angst en leugens ook een uitdijend effect, je moet steeds verder gaan. Maar dit verhaal laat zien dat er altijd een moment is waarop je eerlijk kunt worden en een ommekeer kunt maken.

Terug